Temp Work Research Monitor

Arbeidsvoorwaardenontwikkelingen in 2006; Een onderzoek naar de ontwikkelingen in de bruto-uurlonen en de extra uitkeringen


Abstract —Arbeidsvoorwaardenontwikkelingen in 2006; Een onderzoek naar de ontwikkelingen in de bruto-uurlonen en de extra uitkeringen

Dit rapport bevat de belangrijkste resultaten van het door de Arbeidsinspectie uitgevoerde onderzoek de naar ontwikkelingen van de arbeidsvoorwaarden in 2006. Doel van dit onderzoek is representatieve informatie te verschaffen over de feitelijke ontwikkeling van de bruto-lonen en andere op geld waardeerbare arbeidsvoorwaarden van werknemers in het bedrijfsleven en bij de overheid. De uurlonen van de werknemers die in 2006 niet van werkkring veranderden (aangeduid als ‘gebleven’ werknemers of ‘blijvers’) stegen gemiddeld met 4,6%. Voor de ‘blijvers’ is de gemiddelde bruto-uurloonstijging in 2006 1,3 procentpunt hoger dan in 2004. Het verschil tussen de loonontwikkeling van alle werknemers en die van de ‘blijvers’ geeft het ‘Komers&gaanders-effect’. In 2006 is dit effect 1,8%. In het ‘Komers&gaanders-effect’ komen de veranderingen in de samenstelling van de werkende beroepsbevolking tot uitdrukking. Relatief goedkope werknemers zoals schoolverlaters en langdurig werklozen, vinden voor het eerst een baan terwijl ‘dure’ (pre-)pensioengerechtigden en vutters de arbeidsmarkt verlaten. Het grote beloningsverschil tussen de in- en uitstroom heeft een matigend effect op de gemiddelde brutoloonontwikkeling van alle werknemers.

In 2006 is in 25% van de bedrijven een extra uitkering aan werknemers uitgekeerd. In 6% van de bedrijven zijn winstafhankelijke uitkeringen aan werknemers verstrekt en in 21% van de bedrijven niet-winstafhankelijke uitkeringen. Extra uitkeringen komen relatief vaker voor in bedrijven waar een CAO geldt dan in bedrijven waar dat niet het geval is (30% respectievelijk 23%). Ruim de helft van de werknemers (54%, exclusief directieleden) in het bedrijfsleven ontving in 2006 bovenop het periodieke bruto-(maand)loon één of meer maal per jaar een extra uitkering. Gemiddeld ontvingen deze werknemers in 2006 een bedrag van € 1.880 aan extra uitkeringen. Werknemers ontvingen minder vaak een winstafhankelijke uitkering dan een overige, niet-winstafhankelijke uitkering (respectievelijk 15% en 46% van de werknemers). Voor werknemers met een winstafhankelijke uitkering was het ontvangen bedrag bijna anderhalf keer zo hoog als voor werknemers met een niet-winstafhankelijke uitkering (respectievelijk € 2.150 en € 1.520).



Author(s)
J. Hoeben, A. Faas, M. Bos, J. A. Samadhan
Year of publication
December, 2007
Publisher
Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Language
Dutch


Download Visit website